Tongvissen op de Eems

plaatje niet gevonden

Naar aanleiding van de reis naar Fehmarn is mij gevraagd door Peter Meulenberg om eens mijn ervaring over de tong in woord te brengen. Omdat hij naar zijn zeggen nog nooit een tong had gevangen op de Eems. Dus schrijf ik nu mijn bevindingen op die wij hanteren voor het vissen op tong. Voor mij is dit het eerste jaar dat ik vis vanuit de boot op de Eems, dus zoveel ervaring heb ik er ook niet mee

plaatje niet gevonden

Wij hebben alles toegepast zoals het ons is geleerd uit de kantvisserij op diverse plaatsen in Nederland. En dat werkt dus ook vanuit de boot is ons idee er over. Nu was mijn eerste tong hier op de Eems natuurlijk een pure toevalstreffer tijdens het gulvissen met een haak 7/0. Als wij momenteel vissen op tong doen wij dat bij voorkeur op de wat diepere stukken water overdag. Ik heb het namelijk ook al een paar keer s’nachts geprobeerd wat in niks resulteerde; op de Eems dan hè! Dat wil zeggen op een diepte van 10 mtr en meer, het liefst tegen een glooiing met evt. mosselbankjes of kleiranden. Hier is van nature altijd voedsel aanwezig, dus zit er ook vis. Logisch lijk mij! De tong is van nature een aaseter dus bestaat het allerbeste aas uit pieren of zagers die enkele dagen oud zijn en het liefst ook al een beetje ruiken, aas dat normaal weggegooid wordt dus. De systemen die wij gebruiken zijn zeer verschillend. Zo gebruiken wij weegschaaltjes (zie foto) of een verzwaarde onderlijn.

Dit wil zeggen dat tussen de afhouders in loodjes zijn geplaatst, zowel boven als onder de afhouder. De loodjes kunnen bijv. kogelloodjes (zie ook de foto) zijn. Ook kan een staande lijn met dwarrellijn gebruikt worden en tot slot de aloude doodgewone paternoster. Als aaslijn gebruiken wij een niet te dikke lijn zo tussen de 4,5 en 6,1 in en als haak bijv. een 4 of een 6 mustard. De lengte van de aaslijntjes is zo’n 15 cm, alleen is de dwarrellijn natuurlijk iets langer.

plaatje niet gevonden

Eventueel kan er op de aaslijn nog een fluorkraaltje worden gezet voor extra aantrekkingskracht. Ook heb ik een keer geprobeerd er een breekstaafje bij aan te zetten; alleen daarmee geen resultaat gehad. Maar ja, je blijft van alles proberen zeg ik maar en baat het niet dan schaadt het niet. Het tij moet niet te hard meer stromen, ik heb ze op de Eems allemaal de laatste 2 uur van het tij gevangen. Zowel afgaand als opkomend water. Maar we zijn nu zover dat we kunnen vissen zeg maar. Je werpt je onderlijn up-tide in, lood op de bodem en dan nog zeker 40 m lijn bij geven om de onderlijn en dus ook het aas op de bodem te presenteren, want een tong leeft op de grond. Na een aanbeet niet gelijk aanslaan, even wachten, je hebt tenslotte 3 haken en een tong haakt zich zelf.

Martin Feiken, Zeenon 35

Palingsteken

Omstreeks 1900 was de aal in Europa nog volop aanwezig. In Denemarken, o.a. in de Isefjord, een relatief kleine en ondiepe fjord met kristalhelder water op het eiland Seeland,

Spoorwegen op zee

Wie op een mooie zomerdag vanuit zijn bootje op de Grote Belt in Denemarken zit te vissen ziet in de verte de prachtige brug tussen Funen en Seeland. Treinen en auto’s razen over de brug. Onder de brug varen

De Spohie af Koge

Eind april 2004 heeft de Zeenon in clubverband gevist vanuit het kleine schiereiland Kegnaess. Dat ligt aan de uiterste zuidoostpunt van Jutland in Denemarken. De huisjesverhuurder adviseerde ons om minimaal